|
Jos De Meyer : Nieuwsbericht
11-12-2009
Scholenbouw in de Plenaire zitting van het Vlaams parlement
Handelingen Plenaire Vergadering van 09 december 2009
Actuele vraag van de heer Jos De Meyer tot de heer Pascal Smet, Vlaams minister van Onderwijs, Jeugd, Gelijke Kansen en Brussel, over de stand van zaken van de inhaalbeweging voor schoolgebouwen
De voorzitter:
De heer De Meyer heeft het woord.
De heer Jos De Meyer:
Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, geachte collega’s, ik ben vorige week vrijdag in Sint-Jan-in-Eremo in Sint-Laureins op café geweest. (Rumoer)
Wat heeft dat te maken met deze vraag? Sinds 1 september van dit schooljaar zijn de gelagzaal en de keuken ingericht als leslokaal. Men is bijzonder creatief geweest en men heeft twee lokalen van een dorpscafé ingericht om de plaatselijke vrije school te helpen alle leerlingen een plaats te geven, met toelating van de Onderwijsinspectie. De leslokalen zijn pedagogisch perfect in orde.
Dit voorbeeld illustreert de ernstige problemen van de schoolinfrastructuur in Vlaanderen. Ik citeer onze eigen Vlaamse bouwmeester: “Gebouwen zijn steeds een spiegel van een maatschappelijk bestel. Zij representeren een maatschappij in de ruime zin. De huidige schoolgebouwen tonen wat de maatschappij investeert in de jeugd. Een school heeft altijd te weinig geld om gebouwen te onderhouden, te verbouwen en opnieuw te bouwen.”
Ik vat de geschiedenis van dit dossier even kort samen. De vorige regering heeft op de valreep, op 29 mei, de gunning verleend aan de Fortis-groep. Binnen deze legislatuur hebben de huidige minister en regering gezorgd voor een kaderovereenkomst met deze financiële groep. Op een vraag van mij in de commissie Onderwijs op 8 oktober, hebt u gezegd dat u hoopt dat de financiering voor het kerstreces volledig rond is, maar dat er door deze groep nog financieringsovereenkomsten moeten worden afgesloten.
Mijnheer de minister, wij horen onheilspellende geruchten. Deze kunnen onjuist zijn, maar dan kunt u dit rechtzetten.
Er zijn nu ruim 1600 dossiers met aanvragen voor schoolgebouwen. Er is op dit moment een doorlooptijd van tien jaar. Het is van heel erg groot belang voor het onderwijs dat het DBFM-dossier (design, build, finance, maintain) zo spoedig mogelijk wordt goedgekeurd, niet alleen voor het onderwijs, maar ook voor de bouwsector.
Mijnheer de minister, wat is de stand van zaken? Zal alles voor het kerstreces kunnen worden afgerond? Is er uitstel? Hoe zullen we hierover verder worden geïnformeerd?
De voorzitter:
Minister Smet heeft het woord.
Minister Pascal Smet:
Mijnheer de voorzitter, geachte collega’s, er is inderdaad een contract close afgesloten die bepaalt dat er een financial close moet komen, wat wil zeggen dat de financierder nationale en internationale lenders moet vinden. Die onderhandelingen zijn bezig. Geen enkel lid van de Vlaamse Regering kan en mag in lopende onderhandelingen in dit soort dossiers publieke verklaringen afleggen. Dat is de deontologie van de minister.
De heer Jos De Meyer:
Mijnheer de minister, u daagt me bijzonder sterk uit. Ik ga het debat van daarnet niet overdoen, maar dit antwoord stemt me niet tevreden.
Uw voorganger was soms sober in zijn antwoorden, maar ik kreeg toen telkens wel een antwoord. Ik doe een beroep op de voorzitter van dit parlement en ik hoop dan maar dat het parlement als eerste zal worden geconfronteerd met een eventuele beslissing en dat we het niet in een krant zullen moeten lezen. (Applaus bij Open Vld, CD&V en LDD)
De voorzitter:
Ik veronderstel dat niemand zich wil aansluiten. We nemen het engagement mee dat het parlement als eerste wordt geïnformeerd als er een beslissing wordt genomen.
Minister Pascal Smet:
Mijnheer de voorzitter, er is wel een ministeriële deontologie. In dat soort van onderhandelingen mogen wij niets zeggen.
De voorzitter:
De heer De Meyer heeft de suggestie gedaan om het parlement als eerste in te lichten over de stand van zaken vanaf het ogenblik dat er een mededeling over kan worden gedaan.
De heer De Meyer heeft het woord.
De heer Jos De Meyer:
Mijnheer de voorzitter, ik heb er alle begrip voor dat er een deontologie moet worden gerespecteerd, maar voormalig minister Vandenbroucke moest die ook respecteren. Die heeft telkens op een correcte manier het parlement geïnformeerd. Ik heb begrip voor een gebrek aan ervaring maar ik geef de nieuwe minister de suggestie dat hij daar eventjes een gesprek over heeft met zijn voorganger.
Minister Pascal Smet:
Dat is grof. Ik mag erover niets zeggen.
De voorzitter:
We sluiten de discussie af.
Mevrouw Irina De Knop:
Mijnheer de voorzitter, ik heb al van bij het begin het woord gevraagd.
De voorzitter:
Dat is geen probleem. U hebt het woord.
Mevrouw Irina De Knop:
Ik had eigenlijk een inhoudelijke inbreng willen doen in de discussie, maar ik moet toegeven dat ik als kersvers parlementslid en als oppositielid versteld sta over deze gang van zaken. Het lijkt me opnieuw een voorbeeld te zijn van enige onduidelijkheid tussen de coalitiepartners in deze meerderheid, waarom zou deze vraag hier anders moeten worden gesteld?
Het klopt dat er dringend nood is aan een inhaaloperatie. De heer De Meyer haalt terecht de DBFM-operatie aan en de oprichting van de nv School Invest. Ik wil wel even wijzen op een dubbel probleem. Er is dat van de vervanging van bestaande schoolgebouwen. Daarom is het zeer goed dat er een DBFM-operatie is. Maar er is ook de nood aan enige capaciteitsuitbreiding. Omdat u me vraagt het kort te houden, ga ik naar de kern van mijn opmerking. AGIOn zelf geeft in zijn scholengebouwenmonitor van 2008 aan hoe groot de nood is in een aantal centrumsteden, in Brussel en in Vlaams-Brabant. Als dat allemaal waar is, waarom heeft de regering dan niet in de begroting voorzien dat er bijkomend wordt geïnvesteerd in scholenbouw? De vraag van de heer De Meyer toont eveneens de noodzaak daarvan aan.
De voorzitter:
Mevrouw De Knop, u hebt slechts een minuut spreektijd.
Mevrouw Irina De Knop:
Mijn conclusie is dat deze regering de verkeerde beslissingen neemt en de verkeerde prioriteiten stelt.
De voorzitter:
Minister-president Peeters heeft het woord.
Minister-president Kris Peeters:
Dit is een heel belangrijk dossier waaraan in de vorige Vlaamse Regering minister Vandenbroucke en de andere ministers verschrikkelijk hard hebben gewerkt om het zo snel mogelijk af te ronden. Minister Smet werkt nu met heel veel energie om dit dossier zo snel mogelijk te laten landen. Ik draag er samen met hem de verantwoordelijkheid voor dat dat met grote deskundigheid en de nodige voorzichtigheid gebeurt om in de laatste rechte lijn geen fouten te maken die ons achteraf zouden kunnen worden aangewreven.
Ik weet dat heel dit parlement, de heer De Meyer en vele anderen, en ikzelf en minister Smet met hen, liefst morgen zou beginnen met de bouw van die scholen. We doen er alles aan om dat zo snel mogelijk te realiseren. Ik kan u verzekeren dat er deze week nog is overlegd met minister Smet. Samen met hem sta ik er garant voor dat we dat zo snel mogelijk tot een goed einde willen brengen.
Voor de nieuwkomers – zeker voor de oppositie, maar ook voor de meerderheid – is het natuurlijk belangrijk dat er zo snel mogelijk resultaten komen in dit dossier, dat al een heel lange lijdensweg heeft gekend. Ik kan u verzekeren dat minister Smet, bijgestaan door de nodige experts, dit dossier de volgende dagen en weken met de nodige deskundigheid aanpakt. Hij krijgt ter zake mijn volledige steun.
De heer Jos De Meyer:
Dezelfde boodschap kan op vele manieren worden gegeven, en hoffelijkheid waardeer ik steeds.
De voorzitter:
Het incident is gesloten.
Onderwijsminister Smet onder vuur
42.700 lonen te laat betaald
Liefst 42.700 leraars en Vlaamse ambtenaren kregen hun loon van november te laat uitbetaald. Dat zorgde voor een pak ongeruste telefoons naar het departement Onderwijs. Oud-minister Marleen Vanderpoorten vreest dat straks ook de lonen van december te laat worden betaald door een put in de begroting. Intussen ligt onderwijsminister Pascal Smet ook nog onder vuur omdat de bouw van 211 nieuwe scholen vertraging dreigt op te lopen.
Op 30 november stelden 42.700 leraars en ambtenaren van de Vlaamse overheid vast dat hun loon niet op hun rekening stond. "Tientallen verontruste telefoons heb ik daarover gekregen", zegt Marleen Vanderpoorten (Open Vld). "Ook bij het departement Onderwijs en bij de vakbonden liepen honderden telefoontjes binnen. De fout is intussen rechtgezet en de lonen zijn inmiddels betaald, maar het is toch vervelend voor een pak mensen omdat het bedrag van hun lening en allerlei andere facturen intussen wel van hun rekening zijn gegaan."
Vanderpoorten vreest ook voor de tijdige uitbetaling van de 175.000 onderwijslonen van december omdat de voorbije dagen bleek dat de begroting voor onderwijs zo'n 70 miljoen euro te laag is ingeschat. "De minister blijft herhalen dat de lonen op tijd betaald zullen worden, maar ik vraag me af hoe", stelt Marleen Vanderpoorten. "Waar gaat hij het geld halen? Zijn potje voor 2009 is op. De kans bestaat dus dat ze later betaald zullen worden. Voor de 175.000 leraars is de stipte uitbetaling van hun loon een belangrijke aangelegenheid."
"Alle lonen die deel uitmaken van de begroting 2009 zijn op tijd uitbetaald", zegt minister van Onderwijs Pascal Smet (sp.a). "En dat zal in 2010 ook zo zijn." Toch geeft hij toe dat het bij de uitbetaling van de lonen van november mis is gelopen. "Dexia (de bank van de Vlaamse overheid, red.) heeft een fout gemaakt. Het ministerie van Onderwijs heeft de gegevens van de 42.700 personeelsleden tijdig bezorgd. Dexia moest die betalingen uitvoeren, maar tijdens die uitvoering heeft de bank een technisch probleem gehad. Dexia heeft zich intussen verontschuldigd. Ons valt niets te verwijten", benadrukt Smet.
De onderwijsminister ontkent ook in alle toonaarden dat er een probleem zou zijn met de uitbetaling van de lonen van december. Hij wijst erop dat het geld uit de begroting 2010 komt. De storting moet gebeuren op 2 januari, preciseert zijn kabinet. "U probeert een probleem te creëren dat er niet is en u probeert de leerkrachten bang te maken", sneert Smet aan het adres van Vanderpoorten.
Heimwee
Intussen groeit ook wrevel over de inhaalbeweging voor de scholenbouw. De vorige minister van Onderwijs, Smets partijgenoot Frank Vandenbroucke, sloot op 29 mei een overeenkomst met BNP Paribas Fortis en Fortis Real Estate om 211 nieuwe schoolgebouwen op te trekken voor 2014. "Ik hoor nu de meest onheilspellende geruchten over dat dossier", zegt Vlaams Parlementslid Jos De Meyer (CD&V). "Minister Smet had gezegd dat alles voor Kerstmis rond zou komen, maar tot nu toe is er nog geen doorbraak."
Toen Smet het gisteren vertikte om uitleg te geven - "ik mag dat niet, dat is de deontologie van de minister" - kwam het tot een zware aanvaring met CD&V, waar de heimwee naar sp.a'er Vandenbroucke groot is. "Minister Vandenbroucke moest de deontologie ook respecteren, maar hij heeft het parlement altijd correct geïnformeerd over de stand van zaken", zegt Jos De Meyer. "Hij liet weten hoe de onderhandelingen vlotten, wanneer hij een doorbraak verwachtte. Ik heb begrip voor een gebrek aan ervaring bij de nieuwe minister, maar ik geef hem de suggestie dat hij eventjes een goed gesprek heeft met zijn voorganger."
Die laatste zat de hele discussie vanop de laatste rij van het Vlaamse Parlement met lede ogen te aanschouwen.
Minister Pascal Smet weigerde gisteren uitleg te geven over de bouw van 211 nieuwe scholen. "Ik mag dat niet, dat is de deontologie van de minister."
Het Laatste Nieuws, Peter Gorle
Jos De Meyer
Terug naar het overzicht
|
|